Indicaties en Toepassing van Ademhalingsoefeningen bij COPD

Chronic Obstructive Pulmonary Disease (COPD) is een chronische longaandoening die wereldwijd miljoenen mensen treft. Het is gekenmerkt door een geleidelijke obstructie van de luchtwegen, wat leidt tot klachten zoals kortademigheid, hoesten en slijmproductie. Ademhalingsoefeningen worden vaak ingezet als onderdeel van de revalidatie en dagelijkse begeleiding van COPD-patiënten. Deze oefeningen kunnen helpen om het ademhalingssysteem te ondersteunen, ademhalingsefficiëntie te verbeteren en het algemene functioneren te verhogen.

In dit artikel bespreken we de indicaties voor ademhalingsoefeningen bij COPD, de toepassing ervan binnen een fysiotherapeutisch programma en de rol van de fysiotherapeut bij het opstellen en uitvoeren van ademhalingsoefeningen. We zullen ook ingaan op de onderbouwing van ademhalingsoefeningen binnen de huidige richtlijnen en de praktische toepassing binnen de eerste lijn zorg.

Indicaties voor Ademhalingsoefeningen bij COPD

Ademhalingsoefeningen zijn een onderdeel van de revalidatieprogramma's voor patiënten met COPD, maar worden niet aan elk individu aangeraden. De beslissing om ademhalingsoefeningen toe te passen, hangt af van de individuele situatie van de patiënt.

Blijvende Kortademigheid

Een belangrijke indicatie voor ademhalingsoefeningen is blijvende kortademigheid. Patiënten die regelmatig klagen over ademnood, vooral tijdens inspanning of in rust, kunnen profiteren van ademhalingstraining. Deze oefeningen kunnen helpen om het ademhalingssysteem efficiënter te maken, waardoor de ademnood minder lastgevend kan worden.

Problemen met Mucusklaring

Een tweede indicatie is problemen met mucusklaring. COPD-patiënten kunnen last hebben van overmaat aan slijm in de longen, wat kan leiden tot obstrukties en verder verslechtering van de klachten. Ademhalingsoefeningen zoals hufftechnieken en pursed lips breathing (PLB) kunnen helpen bij het verwijderen van slijm, waardoor de ademhaling verbeterd en het risico op infecties wordt verlaagd.

Functionele Beperkingen

Ademhalingsoefeningen zijn ook gericht op het verbeteren van het fysieke functioneren van COPD-patiënten. Patiënten met beperkingen in hun uithoudingsvermogen, spierkracht of kwaliteit van leven kunnen er baat bij hebben om ademhalingsoefeningen op te nemen in hun revalidatieprogramma. Hierbij wordt vaak gebruikgemaakt van bewegings- en oefenprogramma's, die in combinatie met ademhalingstraining het algehele functioneren verbeteren.

Individuele Benadering

De keuze voor ademhalingsoefeningen is altijd afhankelijk van de individuele situatie van de patiënt. De fysiotherapeut speelt een centrale rol in het bepalen van de indicatie voor ademhalingsoefeningen. Na een grondige anamnese en klinisch onderzoek, stelt de fysiotherapeut behandeldoelen op aan de hand van metingen van het inspanningsvermogen, respiratoire en perifere spierfunctie, de fysieke activiteit en de kwaliteit van leven.

Toepassing van Ademhalingsoefeningen

Bij de toepassing van ademhalingsoefeningen zijn er verschillende technieken die kunnen worden ingezet. Deze technieken zijn ontworpen om het ademhalingssysteem te ondersteunen en de klachten van COPD te verlichten.

Pursed Lips Breathing (PLB)

Een veelgebruikte oefening is pursed lips breathing (PLB). Bij deze techniek zorgt de patiënt voor een uitademing met licht getuite lippen. Dit helpt bij het stabiliseren van de druk in de luchtwegen, waardoor de ademfrequentie afneemt en het ademteugvolume toeneemt. PLB is een eenvoudige techniek die patiënten leren gebruiken in hun dagelijks leven, vooral tijdens inspanning of bij ademnood.

Hufftechniek

De hufftechniek is een andere oefening die vaak wordt gebruikt bij COPD-patiënten. Het gaat hierbij om een lange, krachtige uitademing vanuit de keel. Deze techniek helpt bij het verwijderen van slijm uit de longen, wat kan leiden tot een verbetering van de ademhaling en een verlaging van het risico op infecties.

Inspiratoire Spiertraining

Voor patiënten met inspiratoire spierzwakte, vermoeidheid en kortademigheid, is inspiratoire spiertraining een waardevolle aanvulling. Hierbij gebruikt de patiënt een threshold-apparaat, een ademweerstandtrainer voor inspiratie. De training vindt meestal op 30% van de gemeten maximale inspiratoire monddruk plaats. Dit helpt bij het versterken van de inspiratiespieren en kan leiden tot een verbetering van de ademhaling.

Zuurstofsuppletie bij Training

Bij patiënten met forse desaturatie tijdens inspanning (arteriële zuurstofsaturatie < 90%) kan zuurstofsuppletie tijdens training worden ingezet. Het systematisch toepassen van zuurstofsuppletie bij deze patiënten kan leiden tot een verhoogd trainingseffect. Dit mag echter uitsluitend op indicatie van de behandelende arts.

Evaluatie van Inspanningsvermogen

Voor het bepalen van het inspanningsvermogen wordt vaak gebruikgemaakt van de 6-minutenwandeltest (6MWT) of de shuttlewalktest. Deze tests geven inzicht in het uithoudingsvermogen van COPD-patiënten en kunnen helpen bij het opstellen van doelen voor ademhalingsoefeningen. De 6MWT meet hoe ver een patiënt in 6 minuten kan wandelen, terwijl de shuttlewalktest het looptempo geleidelijk versnelt. Beide tests zijn geschikt om het uithoudingsvermogen te beoordelen.

Meetinstrumenten voor Spierkracht

Om de spierfunctie te meten, kunnen isometrische spierkrachtmetingen worden uitgevoerd. Hierbij wordt een hand-held dynamometer gebruikt, een instrument om isometrische spierkracht te meten. Ook functionele krachttests, zoals opsta- of traploopoefeningen, en de meting van de handknijpkracht kunnen worden ingezet. Respiratoire spierkracht kan worden gemeten met monddrukmeters, die een onderscheid maken tussen inspiratoire en expiratoire monddruk (Pimax en Pemax).

De Rol van de Fysiotherapeut bij Ademhalingsoefeningen

De fysiotherapeut speelt een centrale rol bij het opstellen, uitvoeren en aanpassen van ademhalingsoefeningen voor COPD-patiënten. Deze rol omvat zowel de evaluatie van de patiënt als het begeleiden van de oefeningen en het aanpassen van het programma op basis van de individuele doelen en reacties van de patiënt.

Begeleiding en Opvolging

De fysiotherapeut neemt contact op met de patiënt om een afspraak te maken en geeft uitleg over de oefeningen. Er wordt aandacht besteed aan de manier waarop de oefeningen worden uitgevoerd en de eventuele hulp die nodig is. De fysiotherapeut rapporteert via Zorgdomein of Zorgmail terug naar de huisartsenpraktijk om de voortgang van het programma te delen.

Multidisciplinaire Aanpak

Bij patiënten met een complex ziektebeeld, is een multidisciplinaire aanpak vaak nodig. De fysiotherapeut werkt samen met de praktijkondersteuner, de huisarts, de longarts, en de longverpleegkundige. Deze samenwerking zorgt voor een geïntegreerde benadering van de zorg en maakt het mogelijk om de behoeften van de patiënt volledig in kaart te brengen en te adresseren.

Aanpassing van het Programma

Het fysiotherapeutische programma wordt op maat gemaakt voor elke patiënt. De inhoud, frequentie en duur van de behandelingen worden bepaald in overleg met de patiënt, op basis van medische noodzaak en de KNGF-richtlijn COPD. Bij patiënten met GOLD 1 of 2 kan een beweegprogramma worden ingezet (alleen door PLUS praktijken), terwijl bij patiënten met GOLD 2, 3, 4 individuele interventies kunnen worden ingezet.

Vergoeding en Toegankelijkheid

Vanaf 1 januari 2025 komen patiënten met COPD in stadium GOLD 2 of hoger in aanmerking voor volledige vergoeding van alle fysiotherapeutische en oefentherapie-behandelingen vanuit het basispakket. Deze vergoeding geldt vanaf de eerste behandeling, zonder maximum aantal, en wel met toepassing van het verplichte eigen risico (€ 385 in 2025). De fysiotherapeut bepaalt in overleg met de patiënt de inhoud, frequentie en duur van de behandelingen, op basis van medische noodzaak en de KNGF-richtlijn COPD.

Evidentiële Onderbouwing van Ademhalingsoefeningen

De toepassing van ademhalingsoefeningen bij COPD is onderbouwd door een aantal studies en richtlijnen. De GOLD-richtlijnen, die wereldwijd worden gevolgd in de behandeling van COPD, benadrukken het belang van ademhalingstraining en fysiotherapie in het beheer van de aandoening.

Richtlijnen en Beleid

De NHG-behandelrichtlijn voor COPD en de richtlijnen van de KNGF (Koninklijke Nederlandse Vereniging voor Fysiotherapie) geven aan dat ademhalingsoefeningen een waardevolle aanvulling vormen op de medische behandeling. Deze richtlijnen benadrukken ook het belang van een persoonlijke benadering, waarbij de doelen van de patiënt centraal staan.

De Grade systematiek wordt gebruikt om de kwaliteit van de studies te beoordelen. In de richtlijn wordt genoemd dat studies die fysio- of oefentherapie betreffen, vaak lager worden gewaardeerd vanwege het feit dat blindering niet mogelijk is en vanwege de heterogeniteit van de onderzoekspopulatie. Toch blijft fysiotherapie en ademhalingsoefeningen een onderdeel van de aanbevolen behandeling voor veel COPD-patiënten.

Onderzoeksresultaten

Een onderzoek naar de effectiviteit van ademhalingsoefeningen bij COPD-patiënten in de eerste lijn liet zien dat fysiotherapie weinig tot geen verschil maakt in de 6-minutenwandelafstand vergeleken met de reguliere zorg. Dit resultaat is gebaseerd op een study van Rugbjerg uit 2015, wat een lage GRADE betekent. De conclusie hieruit is dat er meer onderzoek nodig is om de effectiviteit van ademhalingsoefeningen in de eerste lijn te bepalen.

Conclusie

Ademhalingsoefeningen vormen een waardevolle aanvulling op de medische behandeling van COPD-patiënten. Zij kunnen helpen bij het verbeteren van de ademhalingsefficiëntie, het verminderen van de ademnood en het beheersen van slijmproductie. De toepassing van ademhalingsoefeningen is afhankelijk van de individuele situatie van de patiënt en wordt bepaald in overleg met de fysiotherapeut.

De fysiotherapeut speelt een centrale rol in het opstellen, uitvoeren en aanpassen van ademhalingsoefeningen. Samen met andere zorgverleners wordt een multidisciplinaire aanpak ingezet, waarbij de doelen van de patiënt centraal staan. Vanaf 1 januari 2025 is er een vergoeding beschikbaar voor fysiotherapeutische behandelingen bij COPD-patiënten in stadium GOLD 2 of hoger, wat de toegankelijkheid van deze zorg verder vergroot.

De evidentiële onderbouwing voor ademhalingsoefeningen is nog niet volledig vastgelegd, maar richtlijnen zoals de GOLD-richtlijnen en de NHG-behandelrichtlijn geven aan dat deze oefeningen een belangrijke rol kunnen spelen in het beheer van COPD. Verder onderzoek is nodig om de effectiviteit van ademhalingsoefeningen in de eerste lijn te bepalen en om te garanderen dat deze zorg op een passende en effectieve manier wordt aangeboden aan patiënten.

Bronnen

  1. Zorgprogramma COPD
  2. NHG-standaarden COPD
  3. Fysiotherapie bij COPD
  4. Richtlijnen voor fysiotherapie bij COPD

Gerelateerde berichten