Legerkorps Oefeningen: Oefenen als U Vecht in de Koude Oorlog en Huidige Praktijk

De Koude Oorlog vormde een cruciale periode in de militaire geschiedenis van Nederland. Gedurende deze tijd speelden legerkorps oefeningen een centrale rol in het voorbereiden van de landmacht op mogelijke gevechtssituaties. Deze oefeningen, zoals de welbekende serie Lion-oefeningen, waren niet alleen gericht op het testen van tactische vaardigheden, maar ook op het oefenen van mobilisatie, coördinatie en strategische verplaatsing van eenheden. In dit artikel onderzoeken we de geschiedenis, toepassing en betekenis van deze legerkorps oefeningen, en hoe de filosofie erachter – organize as you fight – zich nog steeds in de huidige oefenpraktijk terugvindt.


Inleiding

Tijdens de Koude Oorlog was Nederland een kernland binnen de NAVO en speelde het een actieve rol in de westerse verdediging tegen mogelijke agressie van het oosten. Daartoe was het noodzakelijk om de landmacht op grote schaal te oefenen, zowel in opbouw als in gevechtsvermogen. Dit gebeurde via legerkorps oefeningen, waarin niet alleen tactische en operationele vaardigheden werden getest, maar ook het vermogen om complete eenheden te mobiliseren en in een realistische gevechtsomgeving te opereren.

De oefeningen waren vaak multinationaal, zoals Free Lion in 1988, en dienden als een praktische toetsing van de geplande procedures zoals Opplan-2 en Opplan-2A, die strategische verplaatsingen van troepen en materieel voorzagen. Bovendien werden herhalingsoefeningen georganiseerd om ervaring en kennis op peil te houden, aangezien delen van de parate eenheden met klein verlof waren of mobilisabel.

In de jaren na de val van de Muur en de opheffing van de dienstplicht in 1997, veranderde de focus van de oefenpraktijk. Toch is de kernfilosofie van legerkorps oefeningen – organize as you fight – nog steeds relevant, zoals recente oefeningen zoals Griffin Lightning en Bison Drawsko laten zien.


De Filosofie van Legerkorps Oefeningen: Organize as You Fight

Een van de kernprincipes achter legerkorps oefeningen is het concept organize as you fight. Dit betekent dat eenheidensamenstellingen, oefenprocedures en trainingen zo realistisch mogelijk zijn ingericht, zodat de praktijk zo dicht mogelijk bij de verwachte gevechtssituatie komt.

Historische Toepassing Tijdens de Koude Oorlog

Tijdens de Koude Oorlog oefende de Nederlandse landmacht regelmatig met (nagenoeg) complete eenheden tot en met legerkorpsniveau. Bataljons en brigades werden aanvullend opgezet met eenheden uit vergelijkbare formaties en mobilisabele eenheden. Dit was nodig omdat delen van de parate eenheden met klein verlof waren of mobilisabel. De oefeningen moesten niet alleen ervaring behouden, maar ook de mobilisatieprocedures testen.

Een voorbeeld hiervan is de Lion-oefeningen, waarbij het legerkorps elk vijf jaar een groot oefenproject uitvoerde. De laatste van deze serie was Free Lion in 1988. Deze oefeningen waren niet alleen tactische toetsingen, maar ook operationele testen van mobilisatie, logistiek en coördinatie. Multinationale samenwerking was een essentieel onderdeel van deze oefeningen, wat de realistische omgeving versterkte.

Huidige Toepassing in de 21e Eeuw

De kernfilosofie van organize as you fight is nog steeds relevant in de huidige oefenpraktijk. In de jaren na de val van de Muur veranderde de focus van de landmacht naar vredesmissies en humanitaire interventies, wat leidde tot een afname van grootschalige legerkorps oefeningen. Echter, sinds de recente escalaties in Europa, zoals in het kader van eFP (Enhanced Forward Presence), is er een herwaardering geweest van het trainen met complete formaties in realistische gevechtsscenariën.

Oefeningen zoals Griffin Lightning, Bison Drawsko en Furious Hunter zijn moderne voorbeelden van deze filosofie. Deze oefeningen betreffen meestal complete brigades of battlegroups die in samenwerking met NAVO-partners in de openbare ruimte oefenen. Dit is niet alleen een toetsing van tactische vaardigheden, maar ook een training in mobilisatie, logistiek en interoperationeel samwerken.


Typen Legerkorps Oefeningen en Hun Doel

Legerkorps oefeningen kunnen op verschillende niveaus en in verschillende vormen worden ingezet. Aan de hand van de beschikbare bronnen kunnen we onderscheid maken tussen enkele typen oefeningen en hun doeleinden.

1. Mobilisatie- en Herhalingsoefeningen

Mobilisatieoefeningen testen het vermogen van mobilisabele eenheden om tijdig en correct opgeroepen te worden. Deze oefeningen zijn cruciaal om ervaring te behouden in een tijd waarin delen van de parate eenheden met klein verlof zijn of mobilisabel. Herhalingsoefeningen zijn vaak gericht op het testen van kennis en ervaring op peil te houden, zoals bij de Crescendo-oefeningen in 1951 voor de 44e en 13e Regimentsgevechtsgroep.

Deze oefeningen werden vaak afgesloten met een defilé, waarbij ook de civiele samenwerking en logistiek werden getoetst, zoals het inrichten van aanvullingspunten voor levensmiddelen en BOS-producten.

2. Grootschalige Multinationale Oefeningen

Oefeningen zoals Free Lion in 1988 zijn grote legerkorps oefeningen die meerdere landen betreffen. Deze oefeningen simuleren realistische gevechtssituaties en testen het vermogen van NAVO-eenheden om in samenwerking te opereren. Daarnaast worden strategische procedures zoals Opplan-2 en Opplan-2A getest, die de verplaatsing van troepen en materieel voorzien.

Opplan-2 houdt in dat rupsvoertuigen en zware genievoertuigen per trein worden verplaatst naar het operatiegebied, terwijl Opplan-2A betreft de verplaatsing over de openbare weg wanneer spoorvervoer niet mogelijk is.

3. Defensieve en Territoriale Oefeningen

Defensieve oefeningen zijn gericht op het trainen van verdedigingsscenariën, zoals de oefeningen in 1951 in het gebied van TC Amsterdam en TC Rotterdam, waarbij ook Belgische onderdelen betrokken waren. Deze oefeningen testen de samenwerking tussen reguliere troepen, commandotroepen en mariniers.

Een voorbeeld is de Heidebloem-oefening in 1951, waarbij het territoriale verdedigingssysteem werd getest in samenwerking met Belgische eenheden.


De Rol van Oefeningen in het Opbouwen van Ervaring en Capaciteit

Een van de belangrijkste voordelen van legerkorps oefeningen is het opbouwen van ervaring en het testen van operationele capaciteit. Dit geldt zowel voor individuele militairen als voor complete eenheden.

1. Ervaring Opbouwen bij Individuele Militairen

In de jaren zeventig en tachtig werden specifieke oefeningen georganiseerd om de lichamelijke conditie van individuele militairen te testen. Voorbeelden hiervan zijn de Steunzool, Logboek en Stijgbeugel-oefeningen in 1978, waarbij zowel dienstplichtigen als beroeps militairen werden getest op hun conditie. Deze oefeningen waren gericht op ondersteunende eenheden, staven en cavalerie.

Hoewel deze oefeningen meer gericht waren op fitness dan op tactiek, toonden ze aan dat de landmacht bewust maatregelen nam om het fysieke vermogen van haar personen op peil te houden.

2. Capaciteitsontwikkeling bij Compleet Eenheden

Grootschalige oefeningen zoals Counter Thrust in 1951 en Bison Drawsko in 2017 zijn voorbeelden van oefeningen die gericht zijn op het testen en verbeteren van de operationele capaciteit van eenheden. Deze oefeningen simuleren realistische gevechtssituaties en testen niet alleen tactische vaardigheden, maar ook logistiek, communicatie en coördinatie.

Een voorbeeld is de Fine Victoria-oefening in 1978, waarbij 13 Painfbat een vertragend gevecht oefende. Deze oefening startte in Sennelager en eindigde ten westen van de Rijn. Het was een uitgebreide tactische oefening die het vermogen van een eenheid om te overleven en te vechten in een uitgebreid gevechtsschaal testte.


De Transitie naar Force Mobilization en Warfighting

De oefenpraktijk van de landmacht heeft zich in de loop van de jaren sterk veranderd. In de jaren na de val van de Muur was er een sterke focus op vredesmissies en humanitaire interventies, wat leidde tot een afname van grootschalige oefeningen in realistische gevechtssituaties. Echter, de recente escalatie in Europa heeft geleid tot een terugkeer naar force mobilization en warfighting.

Deze transitie is ook terug te zien in het idee van paradigma shift. De focus is verlegd van missie-specifieke force generation (gericht op vredesmissies) naar force mobilization voor inzet in de eerste hoofdtaak, namelijk het vechten in een gevechtssituatie. Dit betekent dat de landmacht weer moet oefenen met complete formaties in realistische gevechtsscenariën, zoals in de Swift Response-oefeningen of de Grand Quadriga-serie.

De NAVO Force Model (NFM) Brigade 2025 is een voorbeeld van hoe de toekomstige oefenpraktijk eruit zou kunnen zien. Deze brigade zou tijdens de gereedstelling zo georganiseerd moeten zijn als tijdens de stand-by periode en mogelijke inzet. Dit betekent dat de landmacht zich moet aanpassen aan de realiteiten van modern gevecht en oefening.


De Toekomst van Legerkorps Oefeningen

De toekomst van legerkorps oefeningen hangt af van meerdere factoren, waaronder het veiligheidsbeeld, beschikbare middelen en internationale samenwerking. De trends die we momenteel zien – zoals het opnieuw oefenen met complete formaties in realistische omgevingen – lijken zich te versterken.

1. Toename van Multinationale Oefeningen

De recente oefeningen zoals Griffin Lightning en Bison Drawsko tonen aan dat multinationale samenwerking steeds belangrijker wordt. Deze oefeningen betreffen meestal NAVO-partners en testen niet alleen tactische vaardigheden, maar ook logistiek, communicatie en interoperationeel samwerken.

2. Toename van Realistische Training in Openbare Ruimte

Na de jaren van vredesmissies is er een sterke wens om weer te trainen in de openbare ruimte en in overeenstemming met de regional plans van de NAVO. Dit is niet alleen een toetsing van tactische vaardigheden, maar ook een maatregel voor credible deterrence.

3. Evaluatie en Verbetering van Oefenhandboeken

Een van de voordelen van legerkorps oefeningen is dat de ervaringen en gegevens van deze oefeningen kunnen worden ingevuld in oefenhandboeken en planning. Dit zorgt ervoor dat toekomstige oefeningen nog realistischer en effectiever worden.


Conclusie

Legerkorps oefeningen hebben zich gedurende de Koude Oorlog ontwikkeld tot een essentieel onderdeel van de militaire oefenpraktijk in Nederland. Deze oefeningen testen niet alleen tactische en operationele vaardigheden, maar ook mobilisatie, logistiek en multinationale samenwerking. De filosofie van organize as you fight – waarbij het oefenen zo realistisch mogelijk is ingericht – is nog steeds relevant in de huidige oefenpraktijk.

De transitie naar force mobilization en warfighting is een noodzakelijke stap in de huidige wereld, waarin de dreigingen steeds complexer worden. Het oefenen met complete formaties in realistische gevechtssituaties is essentieel om ervaring op te doen en operationele capaciteit te testen. De toekomst van legerkorps oefeningen zal waarschijnlijk worden gekenmerkt door meer realistische training, multinationale samenwerking en een sterke focus op credible deterrence.


Bronnen

  1. Carr-NR-7-2023: Lessen uit de koude oorlog 3
  2. Overzicht oefeningen tijdens de koude oorlog

Gerelateerde berichten