Effectieve oefeningen bij artrose in de hand: Verbeter functie en verminder pijn op basis van wetenschap

Artrose in de hand kan leiden tot pijn, stijfheid en verminderde beweglijkheid, wat het uitvoeren van dagelijks handelen aanzienlijk belemmert. Gelukkig is er een sterke basis van wetenschappelijke onderzoeken die aantonen dat gerichte oefentherapie kan helpen bij het verbeteren van functie, het verminderen van pijn en het behouden van bewegingscapaciteit. In dit artikel bespreken we de meest relevante oefeningen en aanbevelingen die ondersteund worden door de laatste richtlijnen en onderzoeksresultaten. We geven ook aan hoe deze oefeningen worden ingezet in praktijkgerichte programma’s en welke professionele begeleiding wenselijk is om optimaal resultaat te behalen.

Inleiding: Oefeningen als essentieel onderdeel van de behandeling van handartrose

Handartrose is een veelvoorkomende aandoening die vooral ouderen treft, maar ook jongere individuen kunnen hier last van hebben, bijvoorbeeld vanwege repetitieve bewegingen of andere belastingsfactoren. De aandoening leidt tot slijtage van het kraakbeen in de gewrichten, wat resulteert in pijn, stijfheid en verminderde functie. De behandeling van handartrose is meestal multidisciplinair, waarbij oefentherapie centraal staat.

De EULAR (European League Against Rheumatism) richtlijnen uit 2018, gebaseerd op meerdere onderzoeken samengevat in een Cochrane-review (Østeras et al., 2017), tonen aan dat oefeningen gunstige effecten kunnen hebben op pijn, functie, gewrichtsstijfheid en grijpkracht. Hoewel de effecten klein zijn, zijn zij consistente en reproduceerbare resultaten die nuttig zijn in de dagelijkse praktijk. De oefentherapie moet echter gericht en gestructureerd zijn, afgestemd op de specifieke gewrichten die beïnvloed zijn (zoals de CMC-1 (duimbasis) of interfalangeale gewrichten).

Oefeningen bij handartrose: Wat werkt en waarom?

1. Het belang van gerichte oefeningen

De EULAR richtlijnen adviseren oefeningen die gericht zijn op het verbeteren van bewegelijkheid, spierkracht en stabiliteit van het gewricht. Oefentherapie kan worden uitgevoerd in de vorm van thuisoefeningen of onder begeleiding van een fysiotherapeut of ergotherapeut. Oefeningen die gericht zijn op het eerste carpometacarpale (CMC-1) gewricht verschillen van die voor andere gewrichten, zoals de interfalangeale gewrichten. Deze specifieke aandacht is nodig omdat verschillende gewrichten verschillende functies en belastingen hebben.

2. Voorbeelden van oefeningen voor de hand

De volgende oefeningen zijn gebaseerd op de richtlijnen en aanbevelingen van EULAR en andere medische instellingen:

Oefening 1: Grote vuist

  1. Zit aan een tafel en steun met de elleboog op de tafel.
  2. Maak een grote vuist.
  3. Begin met het buigen van de vingerkruim (de topjes van de vingers), dan de middelste gewrichten, en als laatste de knokkels.
  4. Probeer met de andere hand de vingers iets verder te brengen richting de eindstand.
  5. Strek de vingers in omgekeerde volgorde.

Dit oefent zowel de spieren als de gewrichten in, en helpt bij het behouden van bewegingsbereik.

Oefening 2: Kleine vuist

  1. Maak een kleine vuist.
  2. Begin met de vingerkruim richting het begin van de vingers te buigen.
  3. Duw vervolgens met de andere hand de vingers naar de uiterste stand.

Deze oefening helpt bij het verbeteren van de flexibiliteit van de vingers en het versterken van de handspieren.

Oefening 3: Buiging van een enkele vinger

  1. Zit aan een tafel.
  2. Leg de hand op de tafel en pak met de andere hand één vinger vast.
  3. Buig de vinger naar de uiterste stand.

Deze oefening is gericht op het verbeteren van de bewegelijkheid van individuele vingers, wat essentieel is bij artrose die zich beperkt tot een bepaald gewricht.

Oefening 4: Rolletje vastknijpen

  1. Gebruik een rolletje of een soortgelijk object.
  2. Knijp het rolletje vast gedurende 10 tellen.
  3. Bouw geleidelijk op tot 30 tellen.
  4. Herhaal 5 keer per sessie.
  5. Doe de oefening 2 keer per dag.

Dit is een handige oefening om de grijpkracht te versterken en de vingers te mobiliseren.

3. Aanbevolen frequentie en uitvoering

De oefeningen moeten regelmatig worden uitgevoerd, maar zonder overbelasting. Het is aan te raden om de oefeningen 2 keer per dag te doen, waarbij de intensiteit geleidelijk kan worden verhoogd. Na de oefeningen mag maximaal 15 minuten pijn aanwezig zijn; daarna moet de pijn afnemen tot het oude niveau. Dit is een indicatie dat de oefeningen op een veilige manier worden uitgevoerd.

Oefentherapie in de praktijk: Programma’s en professionele begeleiding

1. Het Joint Protection Program (JPP)

Het Joint Protection Program is een gecontroleerd en gericht programma dat gericht is op mensen met hand- en polsklachten door reuma of artrose. Tijdens dit programma leren deelnemers hoe ze hun handen en polsen kunnen gebruiken op een manier die de belasting op de gewrichten minimaliseert. De training duurt 4 weken en wordt onder begeleiding van een ergotherapeut uitgevoerd. Het programma omvat het oefenen van dagelijkse handelingen, zoals koken, in een therapiekeuken.

Een aantal strategieën die worden aangeleerd in het JPP zijn:

  • Aanpassen van bewegingspatronen om de belasting op het gewricht te verminderen.
  • Vereenvoudigen en herstructureren van handelingen.
  • Het veranderen van het tempo van handelingen.
  • Het gebruik van hulpmiddelen en oefeningen.
  • Het dragen van spalken als ondersteuning.

2. Professionele begeleiding: Wanneer is dit nodig?

Hoewel sommige oefeningen thuis worden uitgevoerd, is het aan te raden om professionele begeleiding te zoeken, vooral bij het begin van het programma. Een reumaverpleegkundige, fysiotherapeut of ergotherapeut kan uitleggen hoe de oefeningen correct worden uitgevoerd en eventueel aanpassingen aanbrengen aan het programma. Ook kan een handtherapeut (een fysio- of ergotherapeut met specialisatie in handtherapie) worden betrokken voor specifieke advisering over hulpmiddelen en het aanmeten van orthoses.

3. Zelfmanagement en combinatieprogramma’s

Naast oefentherapie zijn ook combinatieprogramma’s en zelfmanagement essentieel. Het gaat hierbij om het leren herkennen van klachten, het vermijden van overbelasting en het gebruik van energieverdeling. Voorlichting over ergonomische principes, handoefeningen en het gebruik van hulpmiddelen kan door professionals worden gegeven of in schriftelijke vorm aangeboden.

Voorkomen van hand- en polsproblemen: Strategieën voor het dagelijks leven

1. Wisselen tussen staand en zittend werken

Herhalende bewegingen en statische houdingen kunnen hand- en polsproblemen verergen. Het wisselen tussen staand en zittend werken zorgt voor het aan- en ontspannen van verschillende spieren in de hand en pols. Dit helpt bij het voorkomen van overbelasting en verminderd het risico op RSI (reuma syndromen).

2. Vermijden van overbelasting

Het is belangrijk om het aantal herhalende bewegingen te beperken. Denk hierbij aan het koken, typen of het gebruik van gereedschap. Het vermijden van overbelasting en het afwisselen van taken is essentieel voor het behouden van functie en verminderen van pijn.

3. Aanpassing van handelingen

Wanneer hand- of polsproblemen aanwezig zijn, is het aan te raden om handelingen aan te passen. Dit kan het vereenvoudigen van bepaalde taken inhouden, het herstructureren van activiteiten of het gebruik van hulpmiddelen. Het leren om handelingen niet met één hand uit te voeren kan ook helpen bij het verminderen van de belasting op een bepaald gewricht.

Aanbevelingen van EULAR voor patiënten met handartrose

De EULAR richtlijnen adviseren verschillende maatregelen voor patiënten met handartrose:

  1. Voorlichting en instructie: Alle patiënten met handartrose moeten voorlichting en instructie krijgen over ergonomische principes, handoefeningen, energieverdeling en het gebruik van hulpmiddelen.
  2. Oefentherapie: Oefentherapie moet worden overwogen om functie en spierkracht te verbeteren en pijn te verminderen.
  3. Orthese: Het gebruik van een orthese (spalk) kan worden overwogen voor symptoomvermindering, met een aanbevolen duur van minstens 3 maanden.
  4. Verwijzing naar een handtherapeut: Een verwijzing naar een handtherapeut (een ergo- of fysiotherapeut met deze specialisatie) kan wenselijk zijn voor specifieke advisering over hulpmiddelen, het aanmeten van orthoses en specifieke oefentherapie.

De rol van hulpmiddelen bij handartrose

Hulpmiddelen kunnen een essentieel onderdeel zijn van de behandeling van handartrose. Denk hierbij aan gereedschappen met een grotere handgreep om spierkracht te sparen, of aan orthosen om het gewricht te ondersteunen. De keuze van hulpmiddelen moet afgestemd zijn op de specifieke behoeften van de patiënt, en deze keuze kan het beste worden gedaan in overleg met een handtherapeut.

1. Voorbeelden van hulpmiddelen

  • Grotere handgrepen: Gereedschappen met een grotere handgreep verlagen de benodigde grijpkracht en verminderen de belasting op de handspieren.
  • Orthosen: Spalken die de hand of het pols gewricht ondersteunen kunnen helpen bij het verminderen van pijn en het verbeteren van de functie.
  • Energieverdeling: Technieken om energie te sparen, zoals het uitstellen van bepaalde activiteiten of het uitvoeren van taken in een rustiger tempo, kunnen nuttig zijn bij het beheren van klachten.

Mogelijke bijwerkingen van oefentherapie

Oefentherapie is in het algemeen veilig en heeft weinig ernstige bijwerkingen. Echter, in enkele studies is een lichte toename van gewrichtsontsteking en pijn gemeld bij personen die deelnamen aan oefentherapie. Het risico op bijwerkingen is klein, maar het is belangrijk om de intensiteit van de oefeningen aan te passen aan de individuele toestand van de patiënt. Het is aan te raden om oefeningen geleidelijk te introduceren en de reactie van het lichaam nauwkeurig te monitoren.

Psychologische en gedragsmatige ondersteuning

Oefentherapie is niet alleen een fysieke inspanning, maar ook een gedragsmatige strategie. Het aanleren van nieuwe technieken, het aanpassen van handelingen en het gebruik van hulpmiddelen vereist persoonlijke motivatie en aanpassingsvermogen. Gedragsveranderingen zijn essentieel voor het succes van het programma, en ondersteuning van professionals kan helpen bij het overwinnen van eventuele barrières.

1. Mindset coaching

Het aanleren van een mentale strategie om klachten te beheren kan een waardevolle aanvulling zijn op de fysieke oefeningen. Denk hierbij aan het ontwikkelen van een positieve instelling ten opzichte van het lichaam, het vermijden van onnodige angst voor beweging en het leren herkennen van de lichaamsreacties. Dit helpt bij het voorkomen van ontstekingsreacties en het behouden van functie.

2. Habit formation

Het opbouwen van nieuwe gewoontes is een trage, maar essentiële fase. Het leren van oefeningen, het gebruik van hulpmiddelen en het aanpassen van handelingen zijn gewoontes die zich pas volledig ontwikkelen na enkele weken of maanden. Geduld en consistente uitvoering zijn hierbij essentieel.

Conclusie

Oefeningen bij handartrose vormen een essentieel onderdeel van de behandeling. Wetenschappelijk onderzoek toont aan dat gerichte oefentherapie gunstige effecten kan hebben op pijn, functie en bewegingsbereik. Het is belangrijk dat de oefeningen worden afgestemd op de specifieke gewrichten die beïnvloed zijn en dat ze worden uitgevoerd op een manier die overbelasting verhindert. Professionele begeleiding, het gebruik van hulpmiddelen en zelfmanagement zijn essentieel voor het succes van het programma.

De EULAR richtlijnen adviseren voorlichting, instructie en oefentherapie als standaardbehandeling. Het gebruik van orthesen en hulpmiddelen kan aanvullend zijn. Het Joint Protection Program biedt een praktisch kader voor het integreren van oefentherapie in het dagelijks leven.

Door te investeren in bewegingsmogelijkheden, spierkracht en gewrichtsbescherming, kan iemand met handartrose een betere kwaliteit van leven behalen. De combinatie van wetenschappelijke kennis, professionele begeleiding en persoonlijke motivatie leidt tot duurzame resultaten en een positieve levenshouding.


Bronnen

  1. Behandeling van handartrose: niet-medicamenteuze behandeling
  2. Training bij reuma & artrose
  3. Met deze 5 tips voorkom je hand- en polsproblemen
  4. Handoefeningen bij reumatische aandoeningen

Gerelateerde berichten