Dieren in de zorg: Effecten, inzet en professionalisering van diergesteunde interventies

De rol van dieren in de zorg is op de laatste jaren sterk gegroeid. Het gebruik van dieren in activiteiten en therapieën, bekend onder termen zoals Animal Assisted Therapy (AAT) en Animal Assisted Activities (AAA), brengt een unieke dimensie toe aan de zorg. Deze interventies hebben het potentieel om emotionele, mentale en fysieke herstelprocessen te ondersteunen. Echter, zoals uit de bronnen blijkt, is het ook essentieel dat dergelijke interventies verantwoord en professioneel worden uitgevoerd, zowel in het belang van de cliënten als van de dieren zelf.

In dit artikel bespreken we de verschillende vormen van diergesteunde interventies, het gebruik van verschillende dieren in de zorg, de essentiële voorwaarden voor de inzet van dieren, en de professionalisering van het vak. We zullen ook aandacht besteden aan de training en kwalificatie van zorgdierbegeleiders, en aan de rol van instellingen en opleidingen in de professionalisering van het veld.

Diergesteunde interventies: AAT, AAA en AAI

Diergesteunde interventies (DGI) vallen onder de termen Animal Assisted Therapy (AAT), Animal Assisted Activities (AAA) en Animal Assisted Interventions (AAI). Deze termen definiëren drie verschillende, maar soms overlappinge, vormen van dieren in de zorg.

AAT (Animal Assisted Therapy)

AAT is een gerichte interventie die wordt uitgevoerd binnen een behandelperspectief, waarbij een dier actief wordt ingezet om therapeutische doelen te bereiken. Deze vorm van interventie vereist een professionele behandelaar of therapeut die een behandelplan opstelt en de voortgang nauwkeurig volgt. AAT wordt bijvoorbeeld ingezet bij psychische aandoeningen, revalidatieprocessen of bij het vergroten van motorische vaardigheden. Het dier fungeert dan als een therapeutische hulpbron, waarbij de therapeut het proces leidt.

AAA (Animal Assisted Activities)

AAA is minder gericht op een behandelperspectief en betreft vooral activiteiten waarbij een dier een positief effect kan hebben op het welzijn van mensen. Deze activiteiten zijn doorgaans informeler en kunnen bijvoorbeeld bestaan uit een bezoek aan een verpleeghuis met een therapiedier. Het doel van AAA is om te stimuleren tot sociale interactie, om afleiding te bieden, of om emotionele ondersteuning te geven. AAA wordt vaak uitgevoerd door vrijwilligers en vereist geen behandelplan of therapeutische leiding.

AAI (Animal Assisted Interventions)

AAI is een bredere term die zowel AAT als AAA omvat. Deze term benoemt alle interventies waarbij dieren op doelgerichte manier worden ingezet om een positief effect te hebben op mens en dier. Het verschil tussen AAT en AAA is in de praktijk vaak moeilijk te maken, en het gebruik van de term "therapie" kan soms misleidend zijn. Echter, in beide gevallen is het belangrijk dat dieren op een verantwoorde en professionele manier worden ingezet.

Welke dieren worden gebruikt?

Voor diergesteunde interventies worden diverse diersoorten gebruikt, afhankelijk van het type interventie en de doelgroep. De meest gebruikte dieren zijn honden, katten, paarden, vogels, knaagdieren en in sommige gevallen ook dolfijnen.

Huisdieren

Huisdieren zoals honden en katten worden vaak ingezet in AAA-activiteiten. Deze dieren zijn vaak bekwaam om contact te leggen met mensen, vooral ouderen of kinderen in zorginstellingen. Zo’n bezoek kan bijvoorbeeld leiden tot verbetering van stemming, afleiding, of het stimuleren van sociale interactie. Huisdieren die gebruikt worden in zorgprojecten moeten goed gesocialiseerd zijn en geen agressief of afwerend gedrag vertonen. Ze moeten ook in staat zijn om zich comfortabel te voelen in een vreemde omgeving en met vreemde mensen.

Paarden

Paarden worden vaak ingezet in AAT, bijvoorbeeld bij equitherapie. Deze vorm van therapie is gericht op mentale, emotionele of fysieke herstelprocessen. Bijvoorbeeld, paardrijden kan helpen bij het ontspannen van spieren bij mensen met spastische aandoeningen. Ook wordt paardrijden gebruikt bij kinderen met autistische stoornissen om structuur te brengen en contact te stimuleren. Equitherapie kan ook gericht zijn op het verwerken van trauma’s of het vergroten van zelfvertrouwen.

Dolfijnen

Hoewel minder gebruikelijk, zijn dolfijnen ook ingezet in diergesteunde interventies. Dit type interventie vindt meestal plaats in speciale faciliteiten en vereist een hoge mate van voorbereiding en coördinatie. Het gebruik van dolfijnen is vaak gericht op fysieke of emotionele stimulatie en wordt vaak gebruikt in revalidatie- of kindertherapieprojecten.

Andere dieren

Natuurlijk zijn niet alle diersoorten geschikt voor elk soort interventie. De geschiktheid van een dier hangt af van de omgeving, de doelgroep en het doel van de interventie. Zo is een vogel bijvoorbeeld niet geschikt voor een actieve revalidatie-interventie, maar kan het wel een positieve invloed hebben in een informele setting.

Verantwoorde inzet van zorgdieren

Het gebruik van dieren in de zorg heeft veel voordelen, maar vereist ook een verantwoorde aanpak. Zoals aangegeven in de bronnen, zijn er zowel voorwaarden voor de inzet van dieren als voor de begeleiders. Deze voorwaarden zijn essentieel om het welzijn van zowel de cliënten als de dieren te waarborgen.

Veiligheid en gezondheid

De inzet van dieren in zorgprojecten moet veilig en gezond zijn voor alle betrokkenen. Dieren die stress ondervinden van de omgeving of van het contact met mensen moeten niet worden ingezet. Bovendien moet de dierhouder ervoor zorgen dat het dier voldoende tijd heeft om tot rust te komen na de interventie. Het dier moet ook de keuze hebben om geen contact te maken of om weg te lopen, zonder gedwongen te worden.

Vanwege de kwetsbaarheid van sommige cliënten, zoals ouderen of zieken, is het ook belangrijk dat dieren volledig gezond zijn en goed worden behandeld tegen parasieten, huidklachten of andere ziekten. Het vermijden van agressief of afwerend gedrag is eveneens een essentiële voorwaarde om de veiligheid van zowel dier als mens te waarborgen.

Keuze van de doelgroep

Niet alle dieren zijn geschikt voor alle doelgroepen. De begeleider moet goed begrijpen wat de doelgroep behoeft en welk type interventie mogelijk is. Wat werkt bij kinderen, werkt bijvoorbeeld niet altijd bij ouderen of bij mensen met bepaalde fysieke beperkingen. Het is daarom belangrijk dat de begeleider goed geïnformeerd is over de doelgroep en dat de interventies op maat worden afgesteld.

Opleiding en professionalisering van zorgdierbegeleiders

Zorgdierbegeleiders spelen een centrale rol in het succes van diergesteunde interventies. Ze zijn verantwoordelijk voor het kiezen van het dier, het voorbereiden van de interventie, het leiden van het proces en het beoordelen van het effect. Daarom is het essentieel dat zorgdierbegeleiders goed worden opgeleid en gecertificeerd.

Kwaliteit van opleidingen

Er zijn diverse opleidingen en cursussen beschikbaar in Nederland die zich richten op diergesteunde interventies. Zo biedt de Hogeschool Van Hall Larenstein een HBO-opleiding Diermanagement aan met een major in ‘Dieren in de zorg’. Ook Pets4Care biedt cursussen en workshops aan op het gebied van AAT en AAA, die internationale kwaliteitsrichtlijnen volgen. Voor equitherapie is de SHP-E (Nederlandse Stichting Helpen met Paarden – Equitherapie) verantwoordelijk voor het certificeren van equitherapeuten.

Echter, niet alle opleidingen zijn gelijk in kwaliteit en inhoud. Het is daarom belangrijk dat begeleiders kritisch zijn bij het kiezen van een opleiding. De cursus moet niet alleen theoretische kennis bieden, maar ook praktische vaardigheden trainen, zoals het lezen van diergedrag, het beoordelen van de geschiktheid van een dier, en het omgaan met diverse doelgroepen. Opleidingen die simulaties of praktijkgerichte oefeningen bevatten, bieden de beste voorbereiding op de werkelijke praktijk.

Ondersteuning door instellingen

Een andere factor die bijdraagt aan de professionalisering van zorgdierbegeleiders is de ondersteuning door instellingen. Als een zorginstelling zelf cursussen biedt voor vaste medewerkers of interne trainers, kan dit het proces versterken. In dat geval is de inzet van zorgdieren serieus ingebed in het zorgaanbod, en is er meer continuïteit en kwaliteitszorg.

De rol van het dier: Begeleider, therapeut of co-therapeut?

In diergesteunde interventies kan het dier meerdere rollen vervullen, afhankelijk van de aard van de interventie. De dieren zijn geen vervanging voor therapeuten of zorgverleners, maar fungeren als een begeleider, therapeutisch hulpmiddel of co-therapeut.

In AAA-activiteiten is het dier meestal een begeleider of stimulans voor emotionele of sociale interactie. In AAT-activiteiten is het dier echter vaak een therapeutisch hulpmiddel dat op doelgerichte manier bijdraagt aan het behandelplan. In sommige gevallen kan het dier zelfs als co-therapeut fungeren, waarbij het een actieve rol speelt in het therapeutische proces.

Ongeacht de rol van het dier, is het belangrijk dat het dier niet gedwongen wordt en dat het in staat is om op zijn eigen voorwaarden contact te maken. Het dier moet steeds de keuze hebben om te vertrekken of te weigeren, en moet het voldoende rust en aandacht krijgen na de interventie.

De invloed van diergesteunde interventies op de cliënt

De invloed van diergesteunde interventies op de cliënt kan zowel emotioneel, mentaal als fysiek zijn. In de praktijk is het vaak zo dat het aanwezige dier een positieve uitstraling heeft die direct merkbaar is.

Emotionele en mentale effecten

Dieren kunnen een positieve invloed hebben op het welzijn van mensen, vooral bij personen met mentale of emotionele problemen. Bijvoorbeeld:

  • Verouderde mensen in verpleeghuizen kunnen door een bezoek van een therapiedier uit hun schulp komen. Het aanraken van een dier kan een gevoel van genegenheid en contact geven.
  • Psychiatrische patiënten kunnen door het contact met een dier leren omgaan met hun emoties en het verwerken van trauma’s.
  • Autistische kinderen kunnen door het aanwezige dier structuur en contact krijgen, wat hun sociale vaardigheden kan verbeteren.

Fysieke effecten

Dieren kunnen ook fysieke herstelprocessen ondersteunen. Zo worden dieren bijvoorbeeld ingezet in revalidatieprojecten om mensen te stimuleren tot oefeningen of om motorische vaardigheden te verbeteren. Bij mensen met spastische aandoeningen kan paardrijden bijvoorbeeld helpen bij het ontspannen van spieren.

Sociale effecten

Een belangrijke, maar vaak onderbewuste, functie van dieren in de zorg is hun invloed op de sociale omgeving. Het aanwezige dier kan een gespreksonderwerp zijn, wat sociale interactie stimuleert. Ook kan het dier een brug slaan tussen mensen die anders weinig contact zouden hebben, bijvoorbeeld tussen ouderen en kinderen.

De invloed op het dier: Verantwoord en ethisch gebruik

Hoewel de focus vaak op de cliënt ligt, is het ook belangrijk om aandacht te besteden aan het welzijn van het dier. Het dier moet niet worden overbelast, en moet steeds de keuze hebben om contact te maken of niet. Het dier moet voldoende rust krijgen na een interventie, en moet goed worden verzorgd op alle vlakken, van gezondheid tot mentale stimulatie.

Het is ook belangrijk dat het dier goed wordt begeleid door een ervaren begeleider. Deze begeleider moet in staat zijn om te herkennen wanneer het dier stress vertoont, of wanneer het dier zich ongemakkelijk voelt. Het vermijden van stress en agressie is essentieel voor het welzijn van het dier en voor de kwaliteit van de interventie.

Conclusie

Diergesteunde interventies hebben zich in de afgelopen jaren sterk ontwikkeld en zijn steeds meer onderdeel van het zorgaanbod. Deze interventies kunnen een waardevolle aanvulling zijn op traditionele zorgvormen, zowel op het gebied van mentale, emotionele als fysieke herstelprocessen. Echter, zoals duidelijk is uit de beschikbare informatie, is het ook essentieel dat dergelijke interventies verantwoord, professioneel en ethisch worden uitgevoerd.

Het kiezen van de juiste diersoort, de voorbereiding van de interventie, de kwaliteit van de begeleiders en het welzijn van zowel de cliënt als het dier zijn allemaal cruciale factoren in het succes van diergesteunde interventies. De professionalisering van het vak, via opleidingen en certificering, speelt daarbij een belangrijke rol. Door een verantwoorde en doelgerichte aanpak te hanteren, kunnen dieren in de zorg een waardevolle bijdrage leveren aan het welzijn van mensen.

Bronnen

  1. Dieren in de zorg

Gerelateerde berichten