Bij artrose aan handen en pols ontstaat er slijtage van het kraakbeen, wat leidt tot klachten zoals pijn, stijfheid en verminderde bewegingsmogelijkheid. In de huidige medische richtlijnen en onderzoeken wordt duidelijk gemaakt dat oefentherapie een belangrijke rol kan spelen bij het beheersen van deze aandoening. Handoefeningen zijn niet alleen gericht op het verbeteren van de functie van de gewrichten, maar ook op het versterken van de spieren en het verminderen van pijn. Deze oefeningen kunnen uitgevoerd worden in de kliniek, maar ook thuis, zolang er professionele instructie is geweest.
De European League Against Rheumatism (EULAR) adviseert voorlichting en instructie in het gebruik van handoefeningen, en overweegt oefentherapie als een effectieve interventie. In dit artikel bespreken we de wetenschappelijke onderbouwing van handoefeningen, welke soorten oefeningen het meest effectief zijn, en hoe je deze in je dagelijks leven kunt integreren. Daarnaast geven we praktische voorbeelden van oefeningen die je thuis kunt uitvoeren.
Wat is de effectiviteit van oefentherapie bij handartrose?
Oefentherapie bij handartrose is onderzocht in verschillende studies, waarvan de resultaten zijn samengevat in de EULAR-richtlijn van 2018 en bijgewerkt in 2019. Deze studies tonen aan dat oefeningen kleine maar betekenisvolle verbeteringen kunnen brengen in pijn, functie, gewrichtsstijfheid en grijpkracht. De effecten zijn echter meestal beperkt en variëren afhankelijk van het type oefening en de uitvoering.
Ondanks de variatie in interventies—zoals enkele instructiesessies of meerdere begeleide sessies per week—zijn er consistente gunstige effecten gebleken. De studies tonen ook aan dat de bijwerkingen meestal niet ernstig zijn, maar wellicht een tijdelijke toename van pijn of ontsteking kan optreden.
De EULAR raadt aan om oefentherapie te overwegen als onderdeel van het behandelpatroon voor patiënten met handartrose. Deze aanbeveling is gebaseerd op het feit dat oefeningen een lage risicoprofiel hebben en toch een positief effect kunnen hebben op het functioneren van de hand.
Welke soorten oefeningen zijn het meest effectief?
Handoefeningen zijn niet uniform en moeten afgestemd worden op de specifieke gewrichten en problemen van de patiënt. Bijvoorbeeld, oefeningen gericht op het verbeteren van de mobiliteit van het eerste carpometacarpale gewricht (CMC-1) verschillen van die gericht op interfalangeale gewrichten. De keuze van oefeningen hangt af van de mate van slijtage, de aanwezige klachten, en de doelen van de therapie.
Een belangrijke focus van oefentherapie is op het verbeteren van de mobiliteit, de spierkracht en de stabiliteit van de hand. Oefeningen kunnen passief (bijvoorbeeld met behulp van hulpmiddelen) of actief zijn, waarbij de patiënt zijn eigen bewegingen uitvoert. Ook is het belangrijk om te letten op het vermijden van overbelasting, zodat er geen verdere schade aan het gewricht optreedt.
1. Bewegingsvrijheid en mobiliteit
Mobiliteitsoefeningen zijn bedoeld om de bewegingsamplitude van de gewrichten te verbeteren. Dit kan bijvoorbeeld behelzen het buigen en strekken van de vingers en de pols. Een voorbeeld hiervan is het maken van een vuist en het opnieuw strekken van de vingers. Deze oefeningen helpen om de stijfheid te verminderen en de gewrichten actief te houden.
2. Spierkracht en stabiliteit
Het versterken van de spieren rondom de gewrichten draagt bij aan de stabiliteit van de hand en kan het gewricht beschermen tegen verdere slijtage. Oefeningen zoals het duwen van een rolletje tussen de vingers of het drukken tegen een vlak oppervlak helpen bij het verbeteren van de spierkracht.
3. Functionele oefeningen
Functionele oefeningen zijn gericht op het verbeteren van de dagelijkse activiteiten, zoals het openen van een fles of het vasthouden van een pen. Deze oefeningen worden vaak uitgevoerd in een therapiekamer en zijn ontworpen om te voldoen aan de specifieke behoeften van de patiënt.
Hoe voer je handoefeningen correct uit?
Het uitvoeren van handoefeningen moet nauwlettend worden gedaan om schade te voorkomen en om het gewenste resultaat te behalen. Hier zijn enkele richtlijnen voor het correcte uitvoeren van handoefeningen:
- Start langzaam en bouw op: Begin met lichte oefeningen en verhoog geleidelijk de intensiteit. Dit helpt om pijn en overbelasting te voorkomen.
- Volg instructies van een professional: Voorlichting en instructie door een reumaverpleegkundige, fysiotherapeut of ergotherapeut is essentieel. Zij kunnen je uitleggen hoe je de oefeningen correct uitvoert en eventuele aanpassingen maken.
- Houd rekening met pijn: Als je pijn voelt tijdens een oefening, stop dan en herstart met een lagere intensiteit. Pijn kan een teken zijn van overbelasting.
- Herhaal de oefeningen regelmatig: Regelmatige herhaling is nodig om resultaten te behalen. Het aanraden is om de oefeningen meerdere keren per dag te doen, zoals beschreven in de therapiemethodiek.
- Combineer met andere behandelmethoden: Oefentherapie is meestal het meest effectief wanneer het gecombineerd wordt met andere behandelingen, zoals het gebruik van orthese of thermotherapie.
Praktische voorbeelden van handoefeningen
Hieronder geven we een aantal voorbeelden van handoefeningen die je thuis kunt uitvoeren. Deze oefeningen zijn afgeleid uit de beschreven protocollen en kunnen uitgevoerd worden zonder hulpmiddelen, zolang je professionele instructie hebt gehad.
Oefening 1: Vuist maken en strekken
- Uitvoering: Ga aan tafel zitten en steun met de elleboog op tafel. Maak een grote vuist. Begin met het buigen van de topjes van de vingers, dan de middelste gewrichten en als laatste de knokkels. Strek daarna de hand in omgekeerde volgorde.
- Doel: Deze oefening helpt bij het verbeteren van de bewegingsvrijheid en spierkracht in de vingers.
- Aantal herhalingen: 5 keer per hand, 2 keer per dag.
Oefening 2: Kleine vuist
- Uitvoering: Maak een kleine vuist. Begin met de topjes van de vingers richting het begin van de vingers te buigen. Duw vervolgens met de andere hand de vingers naar de uiterste stand.
- Doel: Deze oefening werkt op de fijnmotoriek en de kracht van de vingers.
- Aantal herhalingen: 5 keer per hand, 2 keer per dag.
Oefening 3: Buigen van één vinger
- Uitvoering: Ga aan een tafel zitten. Leg de hand op de tafel, pak met de andere hand één vinger vast. Buig de vinger naar de uiterste stand.
- Doel: Deze oefening helpt bij het verbeteren van de mobiliteit van individuele vingers.
- Aantal herhalingen: 5 keer per vinger, 2 keer per dag.
Oefening 4: Rolletje vasthouden
- Uitvoering: Neem een rolletje (bijvoorbeeld een tennisbal of een zachte bal) en knijp dit tussen de vingers vast. Houd het rolletje vast voor 10 tellen en verhoog dit geleidelijk tot 30 tellen.
- Doel: Deze oefening helpt bij het versterken van de spieren in de hand.
- Aantal herhalingen: 5 keer per hand, 2 keer per dag.
Wanneer is professionele hulp nodig?
Hoewel veel mensen met handartrose oefeningen thuis kunnen uitvoeren, is het vaak verstandig om professionele hulp in te schakelen. Een handtherapeut, fysiotherapeut of ergotherapeut kan je helpen om het juiste oefenprogramma op te stellen en eventuele hulpmiddelen aan te meten. Dit is vooral belangrijk als de klachten ernstig zijn of als de patiënt moeite heeft met het uitvoeren van de oefeningen.
Professionele hulp is ook aan te raden wanneer de klachten zich verslechteren of wanneer er sprake is van een combinatie van klachten, zoals pijn in meerdere gewrichten. Een handtherapeut kan ook adviseren over het gebruik van orthese, die in sommige gevallen nodig zijn om de gewrichten te stabiliseren en de pijn te verminderen.
De rol van hulpmiddelen en orthese
Naast oefentherapie kunnen ook hulpmiddelen en orthese een rol spelen in het beheersen van handartrose. Hulpmiddelen zoals schroevendraaiers met een groter handvat of schrijfpen met een speciale grip kunnen het dagelijks functioneren verbeteren. Orthese, zoals spalken of bandages, kunnen het gewricht ondersteunen en de pijn verminderen.
De EULAR raadt aan om voorlichting te geven over het gebruik van hulpmiddelen en orthese. Deze hulpmiddelen moeten echter goed afgestemd zijn op de behoeften van de patiënt en zijn in de meeste gevallen het meest effectief wanneer ze gecombineerd worden met oefentherapie.
Conclusie
Handoefeningen zijn een effectieve manier om de klachten van handartrose te beheersen en de functie van de hand te verbeteren. De wetenschappelijke onderbouwing van deze oefeningen is gesteund door meerdere studies, waaronder de Cochrane-review en de EULAR-richtlijnen. De uitkomsten tonen aan dat oefeningen, hoewel de effecten klein zijn, een positief effect hebben op pijn, functie, gewrichtsstijfheid en grijpkracht.
Het is belangrijk om de oefeningen correct uit te voeren, waarbij instructie door een professional essentieel is. Bovendien is het aan te raden om oefentherapie te combineren met andere behandelmethoden, zoals het gebruik van hulpmiddelen en orthese. Deze aanpak helpt om de klachten te beheersen en de kwaliteit van leven te verbeteren.
Voor mensen die lijden aan handartrose is het aan te raden om voorlichting en instructie te zoeken bij een reumaverpleegkundige, fysiotherapeut of ergotherapeut. Deze professionals kunnen je helpen om het juiste oefenprogramma op te stellen en eventuele hulpmiddelen aan te meten. Daarnaast kunnen zij je begeleiden bij het integreren van deze oefeningen in je dagelijks leven, waardoor je de maximale voordelen kunt behalen uit deze therapie.